Piscine Crachoir

De spuwbakken in de muur voor het lozen van chloor. Hier dankt de urbex locatie de bijnaam aan.

De spuwbakken in de muur voor het lozen van chloor. Hier dankt de urbex locatie de bijnaam aan.

Als (analoog) fotograaf zoek je iedere keer weer een uitdaging en inspiratie voor nieuwe foto’s. Je wilt op pad want 1000 keer een plaatje van de Dom schieten is toch niet zó interessant. Een fotohobby waarbij je zeker op pad moet is ‘Urbex’, oftewel Urban Exploring. Studiegenootje Bobby doet dit en via hem kom ik op dit idee. Al maanden lang wil ik naar het verlaten Belgische dorpje Doel, maar het is een wat uitgekauwde locatie. Na een gesprek met Bobby besluit ik dat mijn eerste Urbextrip er toch echt moet komen, waarom dan niet voor dit blog?

Urban Exploring
Urban Exploring is het (illegaal) binnendringen van verlaten gebouwen, fabrieken, grotten en tunnels om hier foto’s/filmpjes van te maken. Dit is inderdaad verboden. Maar wel spannend.

De Urbexcommunity houdt zich aan enkele regels. Hiervan is er één het belangrijkst: “Take only photographs, leave only footprints”. Dit houdt in dat je alleen fotografeert of filmt en niets meeneemt of kapotmaakt.  (Zie voor de regels:  http://www.terrastories.com/bearings/urban-exploration-guide).

Vraag je je af of ik dit als journalist wel hoor te doen?
Studiegenoot Ilan Hoekstra schreef een blog over Urbexen doe je ’s nachts’ waarin hij uitlegt waarom een journalist dit wel of niet zou moeten doen. Omdat het in mijn blog voornamelijk over  foto’s gaat en ik niet de focus leg op het urbexen zelf, klik even op zijn naam of op ‘De Nacht‘ als je meer wilt weten.

Zelf op pad
Ik google uren om een geschikte plek te vinden. De urbexgemeenschap is gesloten, dit om vandalisme te voorkomen. Zo kost het me vrij veel moeite om te ontdekken of de genoemde gebouwen nog bestaan en wat de adressen zijn. Uiteindelijk kies ik voor ‘Piscine Crachoir’. Een verlaten zwembad in België, goed te bereiken met het openbaar vervoer. En een populaire urbexlocatie.

Het zwembad net na de opening

Het zwembad net na de opening

De geschiedenis
Dit zwembad is gebouwd tijdens de eerste wereldoorlog om te voorkomen dat de Belgische arbeiders te werk worden gesteld in de Duitse fabrieken. De bouw start in 1916 en het zwembad dat in neorenaissancestijl is gebouwd naar een ontwerp van August van Haesendonck opende zijn deuren in juli 1924. Behalve het zwembad bevatte het gebouw ook een stapelplaats, een badhuis en de douane.

Bij de opening van het gebouw bestaat het dak uit een glasconstructie die na verloop van tijd wordt na verloop van tijd vervangen door een ‘normaal’ plafond. Dit omdat vochtige dampen de constructie hebben aangetast.  Aan de achterkant van het gebouw kun je de geschiedenis van het badhuis nog goed zien. Bij de opening  heeft de gewone (arme) burger nog geen douche of bad in huis, men wast zich aan de pomp. De stad probeert door middel van het badhuis het volk te wijzen op reinheid. Bij de entree van het gebouw staat er op de gevel:

Door reinheid kunnen arm en rijken met dezelfde schoonheid prijken

en 

“Orde, reinheid en beleefdheid zijn een kroon voor elke leeftijd”.

Het zwembad na de verbouwing

Het zwembad na de verbouwing

Het zwembad is voor de rijkere bewoners van de stad.
Bij de kop van het zwembad staat een beeld van ‘de redder’: Petrus Leopold Janssens. Voor 1914 had hij maar liefst 44 drenkelingen uit watertjes in de omgeving gered. Hij wilde echter nooit redder in het zwembad worden.

In 1950 ondergaat het zwembad een grote verbouwing  hierdoor wordt het gebouw een stuk soberder. Bij de verbouwing in 1970 verwijnen nog meer van de mooie details. In 2001 wordt het zwembad gesloten vanwege asbestvervuiling. Sindsdien staat het zwembad leeg en verkommert het gebouw. Ondanks dat zijn er nog veel originele elementen behouden.

Piscine Crachoir
Vorige week donderdag ging ik op pad met vriendin Josephine. Allebei zijn we brave meisjes, die al gaan huilen als we per ongeluk iets stelen, dus lichtelijk zenuwachtig zijn we wel.
Bij het zwembad aangekomen zien we dat het gebouw enorm is . Na wat zoeken en proberen ontdekken we een deur die niet op slot is. Via deze deur  komen we in de machinekamer terecht. Hier staat werkelijk alles nog. De machines, een bak vol soda, flessen om chemicaliën af te meten, alles.
Dan komen we in badkamers. Hier is het jammergenoeg te donker voor mijn analoge camera.(STOM Eza, waarom neem je dan ook geen flitser mee!) Na wat rondneuzen  lopen we verder en zien kamers vol met oude achtergelaten attributen . Zoals een enorme berg met kluissleuteltjes, douchehaakjes, her en der verspreide zwemwedstrijdbekers en zwemplankjes.

Deur door, hoek om, en dan kijken we met open mond, We staan aan de rand van de enorme leegstaande zwembadbak (50×15 meter). Het duurt even voordat we weer in beweging komen, want de verbijstering is groot. Nadat het beeld tot ons is doorgedrongen gaan we aan de slag. Josephine met de digitale camera ik met twee analoge. In de rand van het zwembad zitten de oude tegels nog.  Met om de 2,5 meter een spuwbakje. Of, voor de Franssprekende onder ons, een ‘crachoir’. Bedoeld om overtollig slijm en binnengekomen chloor in te spuwen. Daar komt de urbexnaam voor dit zwembad dan ook vandaan: Piscine Crachoir.

Even schrikken we nog van een apart geluid, we haasten ons achter de tribune en blijven stokstijf staan. Maar al snel concluderen we dat het één van de vele aanwezige duiven is. We fotograferen vrijwel alles: in de zwembadkom, tussen de kleedhokjes, de tegels, het beeld. Helaas is het op een aantal plekken dus veel te donker voor mijn analoge camera. Dan schiet mijn digitale camera te hulp.
De temperatuur ligt deze donderdag rond de -8˚C. Na anderhalf uur fotograferen en rondstruinen vinden we het genoeg. Spijtig, want ik denk niet dat we alles hebben gezien. Via dezelfde weg als we binnen gekomen zijn, lopen we het gebouw weer uit.

Drie rolletjes vol met foto’s en een mooi avontuur: een geslaagde trip kun je dit zeker noemen.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Advertenties